terug naar Shandiz  projecten agenda nieuwsbrief recensies email

Recensies

Naar aanleiding van het optreden van Doroed in het Parooltheater op 30 juni 2010:

Gebroken harten en een onderdrukt volk

Joëlla Angenent

Parool TheaterDe eerste noten die de Iraanse Mehrnaz Salehi zong weerspiegelden een groot verdriet. Met tranen in haar ogen bezong ze het moment dat een man zijn geliefde na een lange tijd weer zag. Ze vulde een avond vol Iraanse volksliedjes in het Parool Theater, begeleid door gitarist Vincent Geurts. Liedjes die allemaal weer eens bewezen dat de liefde soms een slagveld kan zijn.

Het verdriet dat Salehi liet zien in haar eerste nummer overdonderde het publiek dat hierdoor helemaal vergat om te klappen. “Dit lied is erg bijzonder voor me. Ik hoorde het voor het eerst toen ik nog in Iran woonde en een blinde jongen het zong. Het raakte me diep. Toen wist ik dat ik blinde kinderen les wilde geven,” zei Salehi. Ze werd lerares, totdat ze vanwege het geweld in haar land moest vluchten naar Nederland.

Veel van haar nummers hebben een politieke lading. Zoals Musje Asji-Masji, over een mus die gemaand wordt om op te passen niet op het bord van de gouverneur te belanden. Lees: ‘als je je stem verheft, riskeer je je leven’. Ook het laatste nummer dat Salehi zong vertelde het verhaal van een onderdrukt volk dat wegkwijnt in gevangenschap.

Inmiddels woont de zangeres al 26 jaar in Nederland. Na haar pensionering wilde ze de volksliedjes die ze al sinds haar vijfde zingt ook aan anderen laten horen. Tijdens een huisconcert bij een vriend ontmoette ze timmerman en gitarist Geurts. “Vincent is erg begaafd en getalenteerd. Ik was zo onder de indruk dat ik hem vroeg om me af en toe te begeleiden.”

En zo brachten een timmerman en een gepensioneerde lerares Iran naar Amsterdam. Verhalen over gebroken harten, onbeantwoorde liefdes, verlangen en eenzaamheid werden over het publiek uitgestort. Passie die misschien gevoed is door de censuur in Iran. Het woord kussen zul je bijvoorbeeld in Iraanse volksliederen niet horen.

Het werd een avond waarin Iran minder ver weg en exotisch leek maar waarin het vooral draaide om de muziek. Het ongewone duo Salehi en Geurts zorgden ervoor dat je je ogen wilde sluiten om te luisteren en na te denken over de liefde.

Publicatie Het Parool, 1 juli 2010, pagina 14

copyright Het Parool

overgenomen van www.joellaangenent.nl/mehrnaz-salehi

Naar aanleiding van het optreden van Il Sogno in het Parooltheater op 1 april 2010:

Italiaans door Iraanse en Hollander

Corrie Verkerk

Voor even veranderde het Parool Theater gisteravond in een kleine concertzaal - met de daarbij behorende passende stiltes tussen de stukken door én het immer aanwezige 'concerthoestje' vanuit het publiek. Een glaasje water bood voor dat laatste uitkomst. De Iraanse zangeres Mehrnaz Salehi en pianist Frank de Koning lieten er zich in elk geval niet door van de wijs brengen.

Salehi, al eerder in ons theatertje met prachtige liederen uit haar geboorteland, kwam dit keer met een compleet ander programma: Italiaanse aria's. "Ik droomde er altijd van operazangeres te worden. Maar ik werd zangeres van Perzische liederen."

Tot ze pianist De Koning ontmoette, extra zanglessen ging volgen en zich ontpopte tot bevlogen operatalent. "Ons duo heet Il Sogno, de droom. En dat is dit ook voor mij."

Gisteren, zo verontschuldigde ze zich, speelde een stevige verkoudheid haar parten. Haar stem leek daar echter nauwelijks onder te lijden en ze stortte zich vol overgave op het repertoire van componisten als Alessandro Scarlatti en Giuseppe Giordani, wiens Car mio ben een van de bekende liederen van de avond was. Het publiek kon op de uitgereikte vertalingen meelezen welk leed er bezongen werd: "Jij, mijn geliefde, geloof me tenminste, zonder jou smart mijn hart." Salehi legde er al haar passie in, met haar stem, met haar handen, met haar hele lijf.

Ze besloot vrolijk en uitbundig, met Danza, danza, fanciulla, al mio cantar van componist Francesco Durante: "Dans, dans meisjes op mijn gezang, dans bevallig bij mijn lied."

Salehi's aria's werden afgewisseld door een aantal solo's van pianist Frank de Koning. Ook hij hield zich grotendeels bij de Italianen. Wel maakte hij na de pauze een indringend muzikaal uitstapje naar Franz Liszt. Goed, geen Italiaan maar het was wel muziek die de componist schreef op de sonnetten van de Italiaanse dichter/schrijver/filosoof Petrarca.

Het publiek genoot. Er klonk zelfs geen kuchje.

publicatie Het Parool, 2 april 2010, pagina 11

copyright Het Parool